Brussel heeft er met Tsjechië een nieuw zorgenkind bij

In Brussel zal de stemming er na de Tsjechische verkiezingen niet beter op zijn geworden. Na Oostenrijk een week eerder is nu ook Tsjechië in de ban van het populisme en de EU-scepsis. De miljardair Andrej Babis, die wordt verdacht van gesjoemel met EU-subsidies en spionage in Sovjettijden, heeft met zijn partij ANO (Actie Ontevreden Burgers) de parlementsverkiezingen met grote meerderheid gewonnen.

Dit artikel is eerder op 22 oktober verschenen in Het Financieele Dagblad

Andrej Babis, foto Twitter

Bijna 30% van de stemmen heeft Babis gehaald na een campagne die naast het zwartmaken van collega-politici in het teken stond van minder EU en minder vluchtelingen. Hij sluit wat dat betreft haarfijn aan op de buurlanden Polen, Slowakije, Hongarije en (sinds kort) Oostenrijk die allemaal buitengewoon sceptisch staan tegenover elke vorm van meer integratie in de EU, zonder dat ze er overigens direct uit willen vertrekken.

Jiří Pehe, politicoloog en oud-adviseur van de Tsjechische premier en schrijver Václav Havel, omschreef Babis vorige week tegenover deze krant als een man zonder ideologie, een rasechte populist die zegt wat de mensen willen horen en handelt in eigenbelang. Een anti-Europees geluid hoort daar bij want uit enquêtes blijkt dat nog slechts 29% van de Tsjechen het EU-lidmaatschap een goede zaak vindt.

Minachting voor Brussel

Deze minachting voor Brussel blijkt ook uit de rest van de verkiezingsuitslag. Op nummer twee is de Democratische Burgerpartij ODS geëindigd met 11,3%. Dit is een rechts-conservatieve partij die in het Europees parlement onderdeel uitmaakt van de fractie van Europese Conservatieven en Hervormers, waartoe ook de Duitse nationaal-populistische AfD behoort.

Op de derde plaats staan de Piraten met 10,8%. Dit is feitelijk een protestpartij, die vooral door jongeren gekozen is, met als belangrijkste wens gratis en snel internet voor iedereen. Waar zij op het gebied van Europa staan is vaag, wat niet geldt voor de nummer vier: de partij voor Vrijheid en Directe Democratie (SPD).

Deze partij van zakenman Tomio Okamura is al weken bezig met een handtekeningenactie voor vertrek uit de EU en pleit voortdurend voor zero-tolerance tegenover van vluchtelingen. Volgens hem zwerven er tienduizenden illegale vluchtelingen door het land, terwijl het er officieel maar twaalf zijn. Zijn achterban — die ook de Sinti (zigeuners) liever kwijt dan rijk is — gelooft dat maar al te graag.

Jiri Pehe, Foto MK

Pak slaag

Feitelijk is er maar een partij die echt pro-Europees is, TOP 09, en die is nu maar net met de hakken over sloot in het parlement gekomen met 5,3%, terwijl ze in 2013 nog 12% haalden. Daarnaast heb je nog de traditionele partijen CSSD (sociaaldemocraten) en KDU-CSL (christendemocraten), die net als Babis kritisch staan tegenover verdere integratie in de EU.

Vooral de CSSD kreeg een pak slaag met slechts 7,3% van de stemmen terwijl ze vier jaar geleden nog de grootste waren met 20,5%. Tenslotte zijn er nog twee partijen die in het protestkamp zijn te plaatsen: de communisten (KSCM, 7,8%) en de lijstverbinding van Gemeentebelangen (STAN, 5,2%).

Kip met de gouden eieren

Alles bij elkaar dus acht partijen die variëren van licht-eurosceptisch tot anti-EU. Wat levert dat voor coalitie op? Gaan we naar een Czexit? De meeste experts denken dat dit wel meevalt. Babis is veel te slim en te pragmatisch om de EU te verlaten. Hij zou daarmee de kip met de gouden eieren slachten, die niet alleen Tsjechië ten goede komt, maar ook zijn eigen bedrijf Agrofert.

Maar er zijn wel andere zorgen. Hoogleraar Vladimira Dvorakova van de Praagse Universiteit voor Economie is bang dat Babis zijn positie als premier zal misbruiken om de rechtelijke macht te verzwakken. Zij denkt dat hij daarmee het voorbeeld wil volgen van Polen en Hongarije, die dat doen vanuit een nationalistisch-ideologische filosofie, die staat voor een sterke staat met niet al teveel inspraak van het volk. Of zoals de Hongaarse premier Viktor Orban het stelt: een ‘illiberal democracy’. Babis doet het volgens Dvorakova alleen om er zelf rijker van te worden.

Portret Tomio Akimura:  Spreekbuis van het Tsjechische anti-immigratiegeluid

In Tsjechië barst het van de eurosceptische politieke partijen. Een vleugje xenofobie hoort erbij om een kans te maken bij de landelijke verkiezingen komend weekend, maar primus inter pares is Tomio Okamura, een 45-jarige in Tokio geboren Japans-Koreaanse Tsjech die al weken door het land toert met een petitie voor vertrek uit de EU, en bekendstaat om zijn keiharde aanvallen op de islam.

Dat begon al een paar jaar geleden toen hij de islam vergeleek met een ‘Hitler-achtig nazisme’. Hij roept mensen op kebabzaken te vermijden, varkens en honden uit te laten voor moskeeën en slachtafval te begraven daar waar nieuwe islamitische gebedshuizen gepland zijn. En dat alles doet Okamura met een showachtige flair die de mensen duidelijk aanspreekt, want alles wijst erop dat hij rond 9% van de stemmen zal vergaren.

Eerste bekendheid vergaarde Okamura niet als politicus maar als zakenman. Hij zette midden jaren negentig met Miki Travel een van de grootste reisbureaus van Tsjechië op; hij schreef een Japans kookboek en was jurylid bij de Tsjechische versie van de tv-show Dragons’ Den.

Tomio Okamura, FotoTwitter

Tuinkabouter

Internationale bekendheid krijgt hij in 2010 met zijn idee van een reisbureau voor teddyberen. Zijn redenatie is simpel. Er zijn ongeveer 1,2 miljard knuffeldieren in de wereld. Als je een fractie van de eigenaren weet te overtuigen dat het leuk is die teddy op vakantie te laten gaan dan is het een succes. Het idee — afkomstig van de Franse film Le Fabuleux Destin d’Amélie Poulain, waarin een tuinkabouter de wereld rondreist — is inmiddels een wereldwijde hit.

Ongeveer tegelijkertijd schrijft Okamura het boek De Tsjechische droom, een autobiografie en hommage aan Tsjechië. Op basis van zijn levensverhaal klinkt zijn anti-migrantenideologie merkwaardig. Als hij op zesjarige leeftijd verhuist van Tokio naar het Tsjechische platteland waar zijn moeder vandaan komt, wordt hij voortdurend gepest vanwege zijn uiterlijk. Het is zo erg dat hij tot zijn veertiende in zijn bed plast en tot zijn twintigste stottert.

Op zijn 21ste besluit hij naar Japan terug te gaan, maar daar is de discriminatie net zo erg. Hij werkt vier jaar als vuilnisman en popcornverkoper, tot hij inziet dat hij daarmee nooit rijk zal worden. Hij beseft dat hij iets moet doen met het feit dat hij vloeiend Japans, Chinees en Tsjechisch spreekt en zet dan een reisbureau op in Praag.

Hoogverraad

De eerste voetstappen op de politieke bühne zet hij in 2012. Als onafhankelijke senator klaagt hij de toenmalige president Václav Klaus aan voor hoogverraad. Hij wil meedoen aan de presidentsverkiezingen, maar wordt daarin geblokkeerd door het ministerie van binnenlandse zaken en het hooggerechtshof.

Dat sterkt hem alleen maar in zijn afschuw voor de politieke elite en in 2013 doet hij voor het eerst mee met de parlementsverkiezingen met een nieuwe partij ‘Ochtendgloren voor de Directe Democratie’. Deze partij haalt met een rechtsradicaal programma 6,9%.

Okomura knoopt banden aan met andere rechts-populistische bewegingen zoals het Front National van Marie Le Pen en de FPÖ in Oostenrijk. In 2014 gaat er een schok door Tsjechië als hij ontkent dat er in de Tweede Wereldoorlog zigeuners zijn vermoord in het concentratiekamp Lety. Volgens hem is dat een fabeltje en gingen de mensen dood van ouderdom en honger.

Coalitie

Zijn populariteit lijdt er nauwelijks onder, maar er ontstaat wel een machtsstrijd in zijn partij. Anderen zijn het oneens met Okamura’s autoritaire manier van leidinggeven. Hij wordt er bovendien van verdacht een greep in de partijkas te hebben gedaan. In 2015 stapt hij daarom uit de partij en richt een nieuwe op voor Vrijheid en Directe Democratie (SPD).

De kans dat de SPD in de regering komt, is volgens directeur Jiri Pehe van de New York University Prague aanwezig. De vermoedelijke winnaar van de verkiezingen, ANO van de miljardair Andrej Babis, zal waarschijnlijk eerst proberen een coalitie aan te gaan met de sociaaldemocraten van de zittende premier Bohuslav Sobotka.

Deze hebben echter al laten weten in geen geval te willen samenwerken met ANO als Babis premier wil worden. ‘In dat geval is Babis pragmaticus genoeg om het gesprek aan te gaan met Okamura en de bijna net zo extreme communistische partij KSCM.’ Voor de ongeveer 20.000 moslims in Tsjechië zou dat geen prettig vooruitzicht zijn, net zo min als voor de EU die dan mag rekenen op nog meer tegenwind uit Oost-Europa.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s