‘Duitse energietransitie is financiële en planologische ramp’

Het in goede banen leiden van de ‘energiewende’ ziet Angela Merkel als een van haar belangrijkste opdrachten. In 2005 was het  vertrouwen nog groot dat de ‘Klimakanzlerin’ hierin zou slagen, maar de laatste jaren is het sentiment omgeslagen. Vooral ondernemers vragen zich af of de kosten wel opwegen tegen de baten.

Het kantoor van Lex Hartman in Berlijn is sober ingericht. Niet direct het kantoor van een man die medeverantwoordelijk is voor 40% van het Duitse elektriciteitsnet. En toch is dat zo sinds Tennet in 2010 het hoogspanningsnet van Eon overnam. Voor Hartman was het het begin van een intensieve tijd. Duitsland zat midden in de omschakeling naar een groenere stroomvoorziening. Voor Tennet een enorme uitdaging, omdat er voor een succesvolle transitie duizenden kilometers nieuwe kabels nodig waren. Hij liep tientallen buurtvergaderingen af, sprak met politici en ondernemers. De boodschap was altijd dezelfde: ‘Mensen, als we geen vaart maken met de uitbreiding van het elektriciteitsnet dan wordt het kostbaar.’

Tennet timmert aan de weg, Foto Tennet

Nu, zeven jaar nadat Tennet in Duitsland begon, is Hartman best tevreden over de vooruitgang. De onderhandelingen over waar nieuwe hoogspanningskabels worden aangelegd zijn niet eenvoudig, maar er zit wel schot in. Overal in het land wordt driftig gebouwd, en Hartman is ervan overtuigd dat Tennet in 2022, als de laatste kerncentrales van het net gaan, een heel eind op dreef is met de noodzakelijke investeringen in het net.

Maar op weg daarnaartoe moeten er nog wel wat hobbels genomen worden, zegt Hartman. Hij wijst op een klokje dat op zijn bureau staat, met daarop een lang getal dat begint met 50. ‘Het is de hertzfrequentie op het net’, legt hij uit. Het is als een hartslag die stabiel moet worden gehouden. Een afwijking van meer dan twee tiende is fataal. Dan vallen de lichten uit.

Hoe zwaar deze opgave is, laat Hartman in de showroom in Berlijn zien, die speciaal is ingericht voor geïnteresseerde politici, ondernemers en burgers. Het highlight is een zaal met daarin een live schakeling naar de controlecentra van Tennet in Hannover en München.

Lex Hartman, Foto Tennet

‘Vandaag is een makkie’

Alle relevante gegevens voor de stroomvoorziening zijn er netjes geprojecteerd op een grote witte wand. De stroom uit windmolens en zonnepanelen wordt per seconde bijgehouden. En natuurlijk ook de spanning op het net. ‘Vandaag is een makkie’, ziet Hartman in een oogopslag. ‘De hoeveelheid zonne- en windstroom komt keurig in de buurt van wat er een paar dagen geleden is voorspeld, waardoor ingrepen nauwelijks nodig zijn.’

Maar helaas is dat niet altijd zo. Duurzame energie is nou eenmaal geen vaste constante zoals stroom uit kolen- of kerncentrales. De ene dag schijnt de zon hard, dan is er weer veel wind. Dat maakt het voor Tennet lastig om in te schatten hoeveel conventionele stroom er moet worden ingekocht.

Langdurige nevel bijvoorbeeld, sneeuw of woestijnzand kunnen voor flinke tegenvallers zorgen ten opzichte van de prognoses, en andersom kan een plotseling stormfront zorgen voor veel meer windenergie. Hartman: ‘Dat zijn voor Tennet momenten dat er moet worden ingegrepen’. Regelmatig moeten er windcentrales en kolencentrales van of juist aan het net worden gekoppeld om stroomstoringen te voorkomen.

Een kostbare grap omdat de stroom uit de windmolens volgens de wet wel altijd betaald moet worden. Het duurste jaar tot nu toe was 2015 met een kostenpost van €1 mrd niet gebruikte stroom voor alle elektriciteitsbedrijven samen. Vorig jaar was het iets minder, maar 2017 lijken de kosten weer richting het niveau van 2015 te gaan. Over vijf jaar verwacht de toezichthouder op het stroomnet (de Bundesnetzagentur) zelfs een kostenpost van €4 mrd.

Windmolenpark Bard 1, Foto Bard Offshore

Een planologisch drama

Karl Tack, ondernemer en energie-expert van de brancheorganisatie voor familieondernemers, vindt het belachelijk veel geld. Voor hem is het een van de vele bewijzen dat de energietransitie ‘een planologisch  drama’ is. ‘De uitbouw van het elektriciteitsnet en de verhoging van het aandeel groene energie hadden veel beter op elkaar moeten worden afgestemd.’

Maar er zijn meer blunders gemaakt door de regering van Angela Merkel. Zo heeft het besluit in 2011 om alle kerncentrales te sluiten een raar neveneffect gehad. Een groot deel van de verloren stroomcapaciteit moet sindsdien worden gecompenseerd door kolen- en gascentrales. Volgens Tack absurd als je bedenkt dat daardoor de CO2-uitstoot omhoog gaat.

De allergrootste fout was echter het instellen van een enorm hoge garantieprijs voor iedereen die een zonnepaneel op het dak schroefde of een windmolen in zijn tuin zette. De garantieprijs lag in 2009 nog bij 40 eurocent per kilowattuur, en dat voor een periode van 20 jaar. Vier jaar later was dat weliswaar gedaald tot onder de 20 cent, maar het was nog altijd een ‘Bombengeschäft’ voor honderdduizenden Duitsers die zonnepanelen inmiddels voor een prikkie konden kopen in China.

Bij windenergie was de golf aan nieuwe molens iets minder heftig , maar hij houdt wel langer aan. De branchevereniging voor windenergie VDMA verwacht dat er dit jaar voor 5000 megawatt aan nieuwe windenergie bijkomt. Dat staat gelijk aan ongeveer vier kerncentrales en is het dubbele van het streefcijfer van de regering. De verwachting is dat deze  ‘boom’ bij windcentrales nog zeker aanhoudt tot 2019.

Karl Tack, Foto Gebrüder Rhodius

Subsidie groene stroom kost dit jaar €24 mrd

De kosten van dit beleid zijn enorm. Dit jaar gaat de Duitse rekening voor het subsidiëren van groene stroom via de garantieprijs naar €24 mrd, een bedrag dat via de zogenoemde ‘EEG-Umlage*1) in zijn geheel wordt overgeheveld naar de consument.

Tack: ‘In mijn ogen een vorm van planeconomie die we eigenlijk alleen maar kennen uit het socialisme. Met een verschil: bij de EEG-Umlage zijn het de rijke mensen met een huis en een dak waar panelen op passen die profiteren, terwijl het armere deel van de bevolking moet bloeden.’

Ook voor het bedrijfsleven is het volgens Tack een ramp. Zijn bedrijf, Gebrüder Rhodius GmbH, was vorig jaar €900.000 kwijt aan de EEG. ‘Dat was bijna de helft van onze energiekosten.’

Veel kleine en middelgrote bedrijven trekken dit niet meer en verhuizen volgens hem naar het buitenland. Dat geldt ook voor Rhodius dat een deel van de productie van slijpwerktuig heeft verplaatst naar Sjanghai in China. ‘Niet omdat we dat wilden, maar omdat het moest. Anders hadden we een te groot nadeel gehad tegenover concurrenten in het buitenland.’

De opslag die consumenten moeten betalen om groene stroom te financieren

‘Duits bedrijfsleven zeurt’

De kritiek van Tack wordt door veel ondernemers gedeeld. Johannes Teyssen van energieconcern Eon noemt het energiebeleid van de regering Merkel ‘oneerlijk’ en ‘extreem duur’. De president van industrieverband BDI, Dieter Kempf, beklaagt zich over de inefficiënte verdeling van subsidies. ‘Waarom wel miljarden naar groene stroom en veel minder naar energie-efficiëntie.’ En  Utz Tillmann, voorzitter van de brancheorganisatie voor de chemie, vindt dat de EEG ‘volledig op de schop’ moet.

Patrick Graichen, de voorzitter van energietransitie-denktank Agora Energiewende, begrijpt de klachten over de hoge kosten wel, maar van de andere kant vindt hij het ook overdreven. ‘Natuurlijk kost de energietransitie geld, dat is nou eenmaal zo als je voorop loopt, maar je kunt toch ook weer niet zeggen dat het Duitse bedrijfsleven er daardoor slecht voor staat in de wereld.’

Zijn tussenbalans is positief. ‘Moet je eens kijken hoe ver we gekomen zijn in het afgelopen decennium. Een derde van de stroomvoorziening is groen. De helft van de kerncentrales is uitgeschakeld en de rest volgt in vijf jaar. En dat alles zonder dat het Duitsland slecht gaat.’

Alleen op het punt van de kosten geeft hij de critici gelijk. Duitsland heeft in de periode 2009-2013 een verkeerde inschatting gemaakt over hoe snel het zou gaan met de uitbouw van wind- en zonne-energie, en zit daardoor nu met wat Graichen een ‘kostenrugzak’ noemt.

De ontwikkeling van groene stroom t/m 2016

‘Verhoog accijns op benzine en diesel’

Die rugzak wordt in de periode tot 2030 alleen maar zwaarder, te zwaar voor consumenten vindt Graichen. ‘Wij stellen daarom voor om de belasting op diesel, benzine en stookolie te verhogen en de opbrengst daarvan terug te geven aan de stroomverbruiker. Dan sla je twee vliegen in een klap: minder CO2-uitstoot én lagere stroomkosten.’

Of ondernemers daar happy van worden is de vraag. Maar Hans-Joachim Schabedoth, energie-expert van regeringspartij SPD, staat er vol achter. ‘De EEG was essentieel om groene energie in de beginfase een zetje in de rug te geven. Maar nu moeten we wat terugdoen voor de consument, en aangezien fossiele brandstoffen in Duitsland relatief goedkoop zijn, kan et daar weinig kwaad.’

Superhighways van Noord- naar Zuid en een smart grid

Tennet-bestuurder Hartman houdt zich liever buiten dit soort politiek discussies. Hij concentreert zich op zijn taak om de groene stroom zo efficiënt en goedkoop mogelijk bij de consument te krijgen. Hiervoor is de uitbreiding van het elektriciteitsnet prioriteit nummer een. ‘Je kunt het vergelijken met de verkeersinfrastructuur. Waar we nu een paar snelwegen hebben tussen Noord- en Zuid-Duitsland, hebben we er eigenlijk heel veel nodig, een soort superhighway groot genoeg om alle groene stroom te transporteren.’

Voor Tennet een geweldige opgave. Niet alleen vanwege de moeilijke gesprekken met politici en buurtbewoners, maar ook financieel. In Duitsland en Nederland investeert Tennet de komende tien jaar €25 mrd.

Maar het gaat niet alleen om meer kabels. Minstens zo belangrijk is volgens Hartman een slimmer gebruik van het net. Hartman wijst op de razendsnelle ontwikkeling van batterijen die gebruikt kunnen worden voor tijdelijke opslag van groene stroom. En ook een ander project is veelbelovend, waarbij auto’s van Volkswagen worden uitgerust met een lichtsensor die kunnen meten waar veel zon is en waar niet, en dus ook een snelle indicatie kunnen geven over mogelijke tekorten of overschotten. ‘Meer kabels en een intelligenter gebruik van het net gaan hand in hand. Dat is de toekomst.’

Boom and bust

Angela Merkel had in de eerste fase van haar kanselierschap een florissant beeld van de economische voordelen van de energietransitie. Door het voortouw te nemen bij de groene revolutie zouden honderdduizenden banen kunnen worden gecreëerd, zo was het idee.

Aanvankelijk leek ze gelijk te krijgen. Duitsland behoorde in 2009 tot de absolute top bij zowel de installatie als productie van zonnepanelen. Maar daarna ging het mis. De subsidie die mensen kregen voor de aankoop van een zonnepaneel bleef hoog, maar het waren steeds vaker goedkope Chinese producenten die profiteerden.

De prijsdruk was enorm en in december 2011 viel met het bedrijf Solon het eerste Duitse slachtoffer. Het was het begin van het einde. Er gingen tussen 2012 en 2015 meer dan honderdduizend banen verloren in de fotovoltaïsche industrie, cynisch genoeg op een moment dat de verkoop van zonnepanelen bloeide als nooit tevoren.

Dit jaar moest met Solarworld de laatste grote Duitse producent surseance van betaling aanvragen.  Toch heeft Duitsland de hoop niet helemaal opgegeven. De slag om de productie van zonnepanelen is verloren, maar er valt volgens het Bundesverband Solarwirtschaft nog wel wat te halen bij aanverwante sectoren zoals batterijenproducenten en toeleveranciers die bedenken hoe je nog sterkere en efficiëntere zonnepanelen kan maken. ‘We waren destijds naïef om te denken dat we ook de simpele productie van zonnepanelen naar ons toe zouden kunnen halen’, zegt Patrich Graichen van energiedenktank Agora. ‘Maar dat wil niet zeggen dat wij niet kunnen vooroplopen bij het bedenken van nieuwe technologieën.’

Q-Cells was een van de weinige die de kaalslag in Solar-Valley overleefde, en dat alleen dankzij een Koreaanse hulp, Foto Maurits Kuypers

*1De EEG-Umlage

Duitsland kent bij de stroomprijs net als Nederland een opslag voor duurzame energie. Het is een soort belasting waarmee de stroom uit wind en zonnepanelen kan worden ondersteund. Het is een opslag die in Nederland wordt vastgelegd door de overheid. In Duitsland wordt de zogenoemde EEG-umlage bepaald door de subsidie die producenten van groene stroom ontvangen. De subsidie bestaat uit een garantieprijs voor alle geproduceerde groene stroom, en dat voor een periode van 20 jaar. Het verschil tussen de garantieprijs en de normale prijs was jaren erg hoog, waardoor er een run ontstond op zonnepanelen en windmolens. Het gevolg een explosieve groei van de EEG-umlage. In Nederland betaalt een consument een groene prijsopslag van minder dan 1 eurocent per kilowattuur. In Duitsland is de EEG-Umlage tussen 2010 en nu gestegen van 2,04 cent naar 6,88 cent. Tel daarbij op alle andere kosten en Duitsland komt uit op een stroomprijs van rond de 29 cent. Nederland (wat ook duur is) zit daar met circa 22 cent ruim onder.

 

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s