Slowakije groeit en bloeit dankzij auto-industrie

Met Volkswagen, KIA en PSA hebben drie grote autoproducenten ervoor gezorgd dat Slowakije meer dan welk land dan ook drijft op de auto-industrie. Tot genoegen natuurlijk van lokale toeleveranciers. Maar het is oppassen geblazen. Een te grote afhankelijkheid is gevaarlijk. Slowaakse bedrijven beseffen dat ze moeten diversifiëren.

Dit artikel is eerder in Het Financieele Dagblad verschenen van 20 juli: krant-20160720-0-012-029

De chauffeur van de Skoda-tram schuift al een tijdje ongeduldig heen en weer op zijn stoel. Aan hem straks de eer om als eerste in 55 jaar een officieel ritje over de Donau uit te voeren, maar hij moet nog even geduld hebben. Eerst moeten er nog wat speeches worden gehouden, handen geschud en circusacts uitgevoerd.

Pas als Ivo Nesrovnal, de burgemeester van Bratislava, zijn dankwoord heeft uitgesproken kunnen de remmen los. De burgemeester, die het ‘een grote dag’ noemt voor Slowakije, mag natuurlijk mee, net als een groepje andere ambtenaren en EU-officials, logisch, want het project van €70 mln is ruimhartig gesteund door Europa.

Al met al een leuk feestje aan de oevers van de Donau, maar voor de inwoners van Bratislava niets bijzonders. De nieuwe tram- en wandelbrug is kenmerkend voor het hedendaagse Slowakije met overal bouwkranen, nieuwe snelwegen en lonen en huizenprijzen die zo snel stijgen dat in Bratislava mensen steeds vaker hun toevlucht zoeken tot een woning even over de grens in Oostenrijk.

De hoogwaardigheidsbekleders, Foto MK

De hoogwaardigheidsbekleders bij de nieuwe tram- en loopbrug over de Donau, Foto MK

Snelst groeiende EU-landen

Slowakije, dat sinds 1 juli voorzitter is van de Europese Unie, behoort tot de snelst groeiende landen van de EU. Afgelopen jaar bedroeg de groei 3,6% en voor de komende jaren verwacht het IMF eveneens 3% tot 3,5%, maar dan moet wel de auto-industrie goed blijven presteren, want zonder deze industrie valt Slowakije in een diep gat.

Slowakije en auto’s: het is een succescombinatie die in 1991 begon met het besluit van Volkswagen een fabriek te bouwen in Bratislava. De Duitse autoproducent had destijds vooral oog voor de centrale ligging van Bratislava op slechts 65 kilometer van Wenen, de lage lonen en het relatief grote aantal goed opgeleide technici. Maar inmiddels is er veel meer dat de Duitse autobouwer, de tweede autofabrikant in de wereld, aan Slowakije bindt.

De fabriek in Bratislava behoort 25 jaar later tot de meest moderne binnen het Volkswagen-concern. Er worden naast VW’s ook Porsche’s, Audi’s, Skoda’s en Seats gebouwd. Dit jaar rolde bij het zilveren jubileum de 4,5 miljoenste auto van de band. En in tegenstelling tot de beginjaren komt nu ook een groot deel van de onderdelen uit Slowakije.

‘Niet alleen goedkope werkbank’

‘Wie denkt dat wij alleen maar fungeren als goedkope werkbank voor Westerse autoproducenten heeft het bij het verkeerde eind’, zegt Michal Blazek van de Matador, de grootste autotoeleverancier van Slowakije met een omzet in 2015 van €213 mln.

Van de 125.000 mensen werkzaam in de automobielindustrie werken er 16.400 bij Volkswagen en de later in Slowakije neergestreken autoproducenten Peugeot Citroën (Trnava) en Kia (Zilina). De rest werkt bij toeleveranciers, die steeds vaker van Slowaakse origine zijn.

Matador, een familiebedrijf, is er een van. In de fabriek in Vrable spugen de meer dan 60 aluminium- en staalpersen dag en nacht miljoenen onderdelen uit. ‘Zelfs in de crisis van 2009-2010 draaiden we op volle kracht’, vertelt productiemanager Juraj Trubini. Hij leidt ons rond door de fabriek. Sommige onderdelen herkent hij niet eens. ‘Wij maken er zoveel die kun je onmogelijk allemaal herkennen.’ Bij andere ziet hij het gelijk. ‘Kijk dit is de zijkant van een Porsche Cayenne en deze van een Audi Q7. Lijken op elkaar hè, alleen het achterraam is anders.’

Kennisintensieve activiteiten

Naast de massaproductie van onderdelen klimt Matador volgens Blazek ook steeds hogerop in de bedrijfskolom met meer kennisintensieve activiteiten zoals het testen en ontwikkelen van nieuwe onderdelen en de automatisering van industrieprocessen: in de volksmond beter bekend als ‘Industrie 4.0’.

‘We hebben hiertoe onder andere een samenwerkingsverband gesloten met Kuka’, vertelt Blazek. De verwachting over de samenwerking met deze robotreus zijn hoog. Blazek: ‘Ik denk dat hier over tien tot twintig jaar alleen nog maar robots en ingenieurs rondlopen. Gewoon personeel, aan de lopende band, bestaat dan niet meer.’

De grote sprong voorwaarts voor Matador begon overigens in 2004 met de overname van de Nederlandse producent van auto-onderdelen Pal-Inalfa, een dochter van Inalfa Roof Systems uit Venray. Blazek: ‘Matador stond op dat moment vooral bekend als producent van autobanden. De overname van Pal-Inalfa gaf ons de mogelijkheid ons te verbreden, helemaal na de verkoop een paar jaar later van de bandenproductie aan het Duitse Continental.’

Diversificatie is het belangrijkste thema voor Matador, zegt Blazek. Het bedrijf zoekt ook afzetmarkten buiten de automobielindustrie, zoals in de luchtvaart, trein- en scheepsbouw. Want wat als de auto-industrie eens wat minder loopt, dan moet je andere activiteiten binnen je bedrijf hebben om het hoofd boven water te houden, betoogt Blazek.

Kogellagers

Diversificatie gaat in alle richtingen. Veel bedrijven willen minder blootstelling aan de autosector, sommige juist meer. Kinex, een producent van kogellagers uit Zilina in het noorden van Slowakije, behoort tot die laatste groep.

Het 110 jaar oude bedrijf heeft roerige tijden achter de rug, vertelt bestuursvoorzitter Igor Kovac in een kantoor uitkijkend op het machtige Tatragebergte. Hier rond Zilina was gedurende het communisme het centrum van de militaire voertuigenproductie, maar in de jaren negentig was dat snel voorbij. ‘Qua productiviteit en moderne techniek waren we niet opgewassen tegen de concurrentie uit het Westen.’

Veel bedrijven legden het loodje. Voor de weinige die overleefden was er wel een voordeel, er was een overvloed aan goedkoop personeel met een degelijke technische opleiding. Kinex maakte daar gebruik van. Het bedrijf stortte zich eerst volledig op de productie van kogellagers voor goederenwagons. Later volgden lagers voor vliegtuigmotoren, textielmachines en waterpompen in auto’s. Alleen de meest lucratieve markt, die van lagers voor automotoren en passagierstreinen, moet Kinex nog aan anderen laten. ‘Het wordt lastig, maar we zullen er alles aan doen om ook daar voet aan de grond te krijgen’, zegt Kovac strijdlustig.

Lagere arbeidskosten zijn nog altijd een voordeel in Zilina. ‘Maar ook hier, ver weg van Bratislava, zijn de lonen geen unique selling point meer’, zegt Pavol Borcin, hoofd van de ontwikkelingsafdeling van het Central European Institute of Technology (CEIT).

CEIT, een broedplaats voor jonge bedrijven in Zilina, Foto MK

CEIT, een broedplaats voor jonge bedrijven in Zilina, Foto MK

Vanuit zijn kantoor kijkt hij recht op de universiteit van Zilina en in de verte de Kia-fabriek, de meest oostelijk gelegen autofabriek van het land. Het is volgens Borcin de ideale plek voor CEIT, dat hij omschrijft als ‘broedplaats’ voor ideeën en jonge bedrijven. Het bedrijf, opgericht door twee professoren, moet dienen als schakel tussen de universiteit en het bedrijfsleven.

Transportrobot

Het paradepaardje van CEIT is een transportrobot die in staat is in een fabriek spullen van A naar B te brengen zonder tussenkomst van mensen. Borcin: ‘In de meeste autofabrieken zie je nog altijd veel mensen rondrijden met onderdelen. Met onze transportrobot is dat niet langer nodig.’

De transportrobot en andere producten en diensten voor de autosector zijn de zaken waar CEIT zijn geld mee verdient. ‘Maar onze wens is zo snel mogelijk actief worden in andere sectoren’, zegt Borcin, want ook hij beseft dat de Slowaakse economie, waar 13% van het bbp uit de automobielsector komt, te eenzijdig is.

Een paar pogingen heeft CEIT al ondernomen. Zo heeft het bedrijf een paar uitstapjes gemaakt naar de medische sector, de ervaringen met het 3D printen van auto-onderdelen kon vertaald worden naar het maken van protheses. ‘We hebben onder andere een meisje het leven gered met een reconstructie van haar gebroken schedel’, vertelt Borci. Toch blijft die uitbreiding naar andere sectoren een moeilijk proces, dat jaren zal kosten.

Dat is ook de mening van Viktor Marusak van de automobielclub ZAP. Volgens hem moet de Slowaakse regering nu eerst de krapte op de arbeidsmarkt bestrijden. Bijscholing van de 200.000 werklozen zou daarbij kunnen helpen. Verder moet er voor de lange termijn worden gewerkt aan een betere aansluiting van school en universiteit op het bedrijfsleven, bijvoorbeeld door het invoeren van een duaal onderwijssysteem en meer financiële steun voor kennisinstituten.

Autoproducenten:

Volkswagen Groep (Bratislava)

Aantal auto’s sinds start serieproductie in 1992: 4,5 miljoen (t/m 2015)

Verwachte productie 2016: 400.000

Modellen (en onderdelen voor): VW Touareg, Audi Q7, Porsche Cayenne, VW up en e-up, Skoda Citigo en Seat Mii

Werknemers: 9900

Investering: ruim €3 mrd sinds 1991

PSA Peugeot Citroën (Trnava)

Aantal auto’s sinds start productie in 2006: 2 miljoen (2015)

Verwachte productie 2016: 318.000

Modellen: Citroën C3 Picasso en Peugeot 208

Werknemers: Ongeveer 3500

Investering: €1 mrd sinds 2003

KIA Motors (Zilina)

Aantal auto’s sinds start productie in 2006: 2,5 miljoen (2015)

Verwachte productie 2016: 355.000

Modellen: Kia cee’d, Kia Sportage en Kia Venga

Werknemers: Ruim 30000

Investering: €1,6 mrd sinds 2004

Jaguar Land Rover (Nitra, gepland)

Verwachte productie in 2018: 150.000

Modellen: Nog onbekend

Werknemers: 2800

Investering tussen 2016 en 2018: Ruim € 1 mrd

 

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s