‘Mr. Atomausstieg’ probeert Duitse energierevolutie in goede banen te leiden

Rainer Baake, staatssecretaris op het Duitse ministerie van Economische Zaken heeft de laatste twintig jaar de hand gehad in bijna alle belangrijke besluiten rond het Duitse energiebeleid. De komende vier jaar moet hij ervoor zorgen dat de ‘Energiewende’ niet uitloopt op een catastrofe.

Dit artikel is eerder verschenen in FD Energie Pro, dat bezig is met een serie portretten van invloedrijke energie-experts over de hele wereld 

Zichtbaar opgelucht stapte de rijzige Rainer Baake naar voren op de laatste dag voor het zomerreces. ‘Mr. Atomausstieg’ had een blijde boodschap te verkondigen. Na maandenlang van touwtrekken met bedrijven, milieuorganisaties, deelstaten en de Europese Commissie was de staatssecretaris op het Duitse ministerie van Economische Zaken en Energie er eindelijk in geslaagd een compromis te bereiken over het nieuwe ‘Erneuerbare Energie Gesetz’ (EEG), de energiewet die Duitsland moet helpen groener te worden zonder dat de kosten voor consumenten en bedrijfsleven nog verder uit de hand lopen.

Maar oei wat was het een lange en harde strijd, zo zag je Baake denken. De man die in 1998 als staatssecretaris op het ministerie van milieu grote bekendheid verkreeg met het besluit te stoppen met kernenergie, heeft het tijdens de eerste zes maanden van het kabinet Merkel-3 aan de stok gehad met zo’n beetje iedereen behalve zijn baas Sigmar Gabriel.

Egotripperij

Het begon met de directe medewerkers die Baake betichtten van egotripperij. Hij zou zijn plannen voor de hervorming van het energiebeleid allang hebben uitgedokterd vóór hij als troubleshooter op het ministerie werd aangesteld. De ambtenaren voelden zich buitenspel gezet door een man die nota bene afkomstig is van de Groenen, ook in Duitsland een vies woord op het ministerie van EZ.

Of de animositeit tussen Baake en zijn conservatieve ambtenaren nu voorbij is, valt te bezien. Zeker is dat de woede in groene progressieve kringen minstens net zo groot is. Energie-econoom Claudia Kemfert van het wetenschappelijk instituut DIW in Berlijn vindt zelfs dat Duitsland met de nieuwe energiewet een draai van 180 graden maakt, de verkeerde kant op, wel te verstaan.

Rainer Baake tijdens een optreden bij zijn partij Bündnis 90/Die Grünen

Rainer Baake tijdens een optreden bij zijn partij Bündnis 90/Die Grünen

Duitsland is wat haar betreft met de door Baake geïntroduceerde wijzigingen aan de EEG-wet terug in de steentijd, waarbij vervuilende kolencentrales net zo veel steun krijgen als windmolens en zonnepanelen. Baake is niet meer dan een speelbal van het bedrijfsleven.

Als de man in kwestie dit soort aantijgingen hoort, haalt hij de schouders op. ‘Het enige wat ik doe, is uitvoeren wat de grote meerderheid in Duitsland wil, en dat is doorgaan met de overstap naar groene energie zonder dat de kosten voor het stroomverbruik nog verder oplopen. Als er mensen zijn die het daar niet mee eens zijn, is dat jammer.’

Baake is ervan overtuigd dat hij op de goede weg is. ‘Wij blijven met de aanpassingen van de EEG-wet op koers om de doelstelling van 40 tot 45% groene stroom in 2025 te halen, en dat zonder dat de stroomprijzen nog verder oplopen.’

Subsidies

Precies dat laatste was het grote probleem van de oude wetgeving. De subsidies op zonnepanelen en windmolens waren zo aantrekkelijk dat er een run op ontstond met als gevolg een prijskaartje voor stroomverbruikers van €20 mrd. Zij zijn het namelijk die de subsidies moeten betalen. Omgerekend gaat het om 6,24 cent per kilowattuur bovenop de gewone marktprijs in Duitsland, die zo rond de 26 à 27 cent ligt. Voor een gemiddeld huishouden betekent dat een opslag van al snel een paar honderd euro.

In de nieuwe wetgeving heeft Baake duidelijke grenzen opgelegd aan de uitbouw van groene stroom. Ten eerste krijgen producenten van groene stroom vanaf 2015 gemiddeld nog maar 12 cent subsidie per kilowattuur opgewekte stroom tegenover nu 17 cent. Vooral de subsidies voor biogas en geothermie worden aangepakt omdat Baake deze technologieën te duur vindt.

Daarnaast heeft Baake de zogenoemde ‘Ausbaukorridore’ vastgelegd. Bij windenergie-op-land en zonne-energie is de grens vastgelegd bij een maximale uitbreiding van 2400 tot 2600 megawatt per jaar. Als die grenzen  worden overtroffen dan daalt de subsidie stapsgewijs. Op zee geldt een ‘corridor’ van 6,5 gigawatt tot 2020. Bij biogas ligt de grens zelfs al bij 100 megawatt. Nog een bewijs dat Baake in deze technologie weinig toekomst ziet.

Experts verwachten dat de hervormingen zeker zullen helpen de prijsstijging een halt toe te roepen. Dalen zullen ze echter ook niet. Dat komt doordat de producenten van groene stroom garantieprijzen is beloofd die gelden voor een periode van 20 jaar. Subsidies die de afgelopen tien jaar zijn vergeven zullen de burger zodoende nog lang op kosten jagen.

Energieverbruikers ontzien

Voor het bedrijfsleven ligt dat iets genuanceerder. Grote energieverbruikers worden namelijk al jaren ontzien. In totaal zijn ongeveer 2000 bedrijven vrijgesteld, wat hen €5 mrd scheelt. Dit tot grote ergernis van de Europese Commissie die dit concurrentievervalsing noemt.

Brussel eiste van Baake dat deze voordeelregeling werd afgeschaft, maar hij weigerde en won. Na een lang heen-en-weer werd Duitsland alleen verplicht een beetje strenger te worden bij het toekennen van ontheffingen aan bedrijven, en bedrijven moeten een minuscule boete betalen van €30 mln. Ook moet Duitsland een klein deel (minstens 5%) van openbare aanbestedingen voor nieuwe capaciteit openstellen voor duurzame stroomproducenten uit het buitenland.

Baake dus een vriend van het bedrijfsleven? Het lijkt er wel op. Ook tijdens zijn eerste periode als staatssecretaris (1998-2005) voor milieu onder Jürgen Trittin, had hij al veel oog voor de belangen van bedrijven.

Het belangrijkste voorbeeld is het door hem uitgeroepen moratorium op kernenergie. Baake had de plannen daarvoor al gemaakt toen hij midden jaren negentig in Hessen in de regering zat. Het waren stevige plannen die de energiemaatschappijen veel geld zouden kosten. Maar toen hij in 1998 daadwerkelijk verantwoordelijk werd voor de onderhandelingen met de energiebedrijven werden hun zorgen snel weggenomen. Door in plaats van vaste data voor de ‘Ausstieg’ uit te gaan van een nog maximaal toegelaten productie per kerncentrale werd de angel uit de wetgeving gehaald. Dit gaf de energiebedrijven namelijk veel meer tijd en flexibiliteit om de centrales een voor een van het net te halen.

Het was het eerste grote politieke succes voor Baake. Later zouden er nog vele volgen. Zo was Baake in 2000 een van de bedenkers van de eerste EEG-wet. In 2005 – toen de rood-groene regering van Gerhard Schröder het veld moest ruimen voor een centrum-linkse coalitie onder Merkel – kon hij niet langer aanblijven als staatssecretaris, en stapte over naar de Duitse Milieudefensie (Umwelthilfe). Maar hij bleef wel een belangrijk adviseur.

Kosten Energiewende

Zo riep Merkel hem als een van de eersten bij zich toen in 2011 een tsunami zware schade aanrichtte aan de kerncentrale in het Japanse Fukushima.  En toen in 2013 de kosten van de Energiewende steeds zorgwekkender werden, vroeg Merkel in een regeringszitting: ‘Maar wat vindt Baake ervan’.

Baake, die inmiddels leiding gaf aan een door hem opgerichte energiedenktank (Agora), bleef het antwoord niet lang schuldig. Kort daarop kwam hij met een uitgebreid plan voor een ‘EEG 2.0’ – het bleek de basis voor de nieuwe wetgeving die Baake nu door het parlement heeft geloodst.

Daarmee is de Energiewende overigens nog lang niet gered. Het was een aardige eerste stap. ‘Maar,’ zo zegt Baake zelf: ‘Het echte werk begint nu pas.’

Voor het welslagen van de Energiewende is namelijk meer nodig dan het aanpassen van het groenesubsidiebeleid. Er moeten bijvoorbeeld meer en betere oplossingen gevonden worden voor de dagen dat het niet zo hard waait of de zon niet zo fel schijnt. Op die dagen moeten conventionele kolen- en/of gascentrales in de bres springen.

Laag pitje

Het vervelende is alleen dat ze dat niet willen omdat het ongunstig is om een stroomcentrale maar enkele dagen per jaar op volle toeren te laten draaien. Als de overheid centrales wil dat centrales een groot deel van het jaar op een laag pitje draaien dan moet zij daarvoor betalen, eisen de energiebedrijven. Een eis die waarschijnlijk steeds luider zal worden naarmate 2022 nadert, het jaar dat de laatste kerncentrale wordt uitgezet.

Een ander sleutelproject voor de Energiewende is ten slotte dat er vaart wordt gemaakt bij de capaciteitsuitbreiding van het  hoogspanningsnet, een project waarbij het Nederlandse Tennet nauw betrokken is. Groene energie wordt namelijk vooral geproduceerd in het noorden van Duitsland, terwijl de industriële gebruikers overwegend in het zuiden zitten. Heel veel stroom moet er dus van A naar B, maar zonder extra stroomkabels gaat dat niet.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s