Europa zorgde voor een enorme verbetering van Poolse economie

Polen bejubelen tien jaar EU, maar bemoeizucht Brussel moet minder.

Schouder aan schouder kijken de burgemeesters van Slubice en Frankfurt an der Oder over de ‘Brug van de Warmte’ die Polen en Duitsland met elkaar verbindt. Tot Polen begin jaren negentig de eerste stappen zette richting het EU-lidmaatschap zat deze grensovergang nog potdicht. Communicatie was vrijwel onmogelijk. Nu passeren dagelijks duizenden auto’s en voetgangers de brug.

Dit is een artikel dat eerder verscheen in Het Financieele Dagblad van 22 mei

De burgemeesters Tomasz Ciszewicz en Martin Wilke zijn vol lof over de Europese Unie — de in Europa steeds wijder verbreide scepsis over de EU is aan hen niet besteed. Zij beschouwen de EU-opname van Polen nu tien jaar geleden als een doorbraak.

De twee burgemeesters voor het stadhuis van Frankfurt an der Oder, Foto: MK

De twee burgemeesters voor het stadhuis van Frankfurt an der Oder, Foto: MK

Zo kreeg het in verval geraakte Frankfurt an der Oder het Collegium Polonicum, een nieuwe Europa-universiteit die met 6500 studenten voor een nieuwe impuls zorgde. Voor inwoners van Slubice betekende de EU-opname vooral vrijheid van bewegen en handel.

Krszystof Wojchiechowski van het Collegium Polonicum: ‘Je moet je voorstellen dat de mensen uit Frankfurt an der Oder, toen de grenzen in 1994 voor het eerst opengingen, ongeveer twintig keer zo veel te besteden hadden als de mensen uit Slubice. Dat gaf spanning en dynamiek tegelijk.’

De eerste economische ‘boom’ voor Polen kwam volgens hem voort uit ‘discutabele inkomstenbronnen’, zoals EU-subsidies, criminaliteit, bordelen en sigarettenhandel. Al snel kwamen daar toerisme en geld van buitenlandse investeerders bij. De inkomensverschillen verdwenen als sneeuw voor de zon, het openbaar vervoer werd op elkaar aangesloten en binnenkort is zelfs de energievoorziening gekoppeld. Burgemeester Wilke van Frankfurt an der Oder constateert: ‘Het is grappig dat wij de EU nu eerder als een hindernis zien voor verdere welvaart dan als een voordeel. Zo zouden wij graag meer wederzijdse investeringen zien, maar dat is door EU-­regelgeving niet altijd even makkelijk.’

De Europa-universiteit Viadrina, Foto: MK

De Europa-universiteit Viadrina, Foto: MK

Ook Pawel Swieboda, die in 2004 voor Polen onderhandelde over het EU-lidmaatschap, stelt dat Europa voor een enorme modernisering van de Poolse economie heeft gezorgd. Instituties als de gezondheidszorg, de politie en het juridisch apparaat zijn gestroomlijnd, straten vernieuwd en het bankentoezicht is zelfs beter dan in de eurozone.

Swieboda: ‘We hadden alleen wat aanpassingsproblemen, zoals het verlies van veel artsen die voor een beter betaalde baan in het Westen kozen. Maar inmiddels is ook dat verleden tijd.’ Polen is volgens hem nu hard op weg een heel gewoon EU-lid te worden, met een inkomensniveau dicht bij of zelfs boven het gemiddelde. Naast Polen traden in 2004 ook Estland, Letland, Litouwen, Hongarije, Tsjechië, Slowakije, Slovenië, Cyprus en Malta toe tot de EU. Zij waren bij lange na niet zo succesvol als Polen. Swieboda ziet daarvoor een aantal factoren.

Brug over de Oder, Foto  MK

Brug over de Oder, Foto MK

Ten eerste is Polen, volgens hem eerder dan anderen, ruim voor 2004, begonnen met structurele hervormingen van de arbeidsmarkt en zijn instituties. Dat zorgde voor een relatief eenvoudige overgang in de Unie.

Ten tweede heeft Polen zich niet gek laten maken door de plotselinge welvaart. Swieboda: ‘Ons grote geluk is dat we na 2004 met beide benen op de grond zijn blijven staan. We hebben geen excessieve groei van de lonen gehad, zoals in Zuid-Europa, geen vastgoedluchtbel, zoals in de Baltische staten. Dat heeft ons geholpen de krediet- en eurocrisis goed te doorstaan, zonder ook maar een jaar van recessie.’

Tot slot heeft volgens hem geholpen dat het regeringsbeleid altijd heeft bestaan uit een combinatie van meer Europese integratie en behoud van een eigen identiteit. ‘Het is voor ons erg belangrijk dat we een eigen filosofie over economische ontwikkeling hebben en niet alles uit Brussel klakkeloos kopiëren.’

Als voorbeeld noemt hij het Europese klimaatbeleid dat is gebaseerd op strenge normen voor Europese bedrijven, in plaats van gelijke normen in de hele wereld. ‘Wij hebben ons altijd tegen die EU-normen verzet, want ze zijn slecht voor ons als industrieland.’ Om dezelfde reden is Swieboda blij dat Polen geen lid is van de eurozone.

‘Begrijp me niet verkeerd. Ik vind dat Polen lid moet worden, maar pas als de eurozone hervormd is en iedereen weer verantwoordelijk is voor zijn eigen begroting. Ik denk dat dit zeker nog drie tot vijf jaar zal duren.’

Tot die tijd probeert Polen zijn economie op zijn eigen manier verder te moderniseren. Zo is het land industrieel weliswaar sterk, maar nadelig is wel dat veel industrie een lage toegevoegde waarde heeft, zoals de assemblage van auto’s.

Swieboda: ‘We willen meer hightechindustrie. Dat zegt natuurlijk iedereen, maar wij denken daarvoor goede kaarten te hebben, dankzij een goede ondernemersgeest bij de Polen en enkele veelbelovende jonge bedrijven.’ Als voorbeelden noemt hij het snelgroeiende luchtvaartcluster in het zuiden van Polen en een aantal producenten van trams, treinen en bussen.

Swieboda beseft als geen ander dat dit zonder de EU allemaal onmogelijk was geweest. Ook de Polen zullen volgens hem achter Europa blijven staan, zolang de eigen identiteit maar bewaard wordt en Brussel niets opdringt waar de geesten niet rijp voor zijn.

Volgens Ellen Bos, hoogleraar internationale betrekkingen aan de Andrassy Universiteit in Hongarije, is deze instelling tekenend voor landen als Polen, Hongarije en Slowakije, die lang geen soevereiniteit kenden. ‘Als zij recent verworven vrijheden meteen weer moeten prijsgeven aan Brussel, leidt dat snel tot gevoelens van afwijzing, zeker onder bevolkingsgroepen die niet zo veel geluk hebben gehad in de nieuwe EU.’

In Hongarije is dat zichtbaar bij de nationalistische regeringspartij Fidesz van Gabor Urban, in Polen bij de populistische PiS van Jaroslaw Kaczinsky. Maar volgens Bos leiden dergelijke gevoelens niet tot een harde confrontatie met Brussel. ‘Daarvoor zijn de positieve effecten van de EU te positief. Niet alleen op economisch vlak, maar ook wat betreft vrijheid van reizen, studeren en werken waar je wil, en natuurlijk de vrede. De ­crisis in Oekraïne heeft mensen nog eens duidelijk gemaakt dat dit allemaal niet vanzelfsprekend is.’

Omwenteling Polen:

1989: Poolse communisten verliezen de macht

1993: De laatste Russische troepen verlaten Polen

1998: Start onderhandelingen met Europese Unie

1999: Polen wordt lid van de Navo

2004: Polen treedt toe tot de Europese Unie

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s