Wat kunnen we leren van het Duitse Jobwunder

De kranten staan er weer vol van deze week: de bloeiende Duitse arbeidsmarkt, liefkozend ook wel het ‘Jobwunder’ genoemd. Voorbeelden van het banenwonder zijn er vele. Maar een wel heel mooie trof ik deze week aan in het dorpje Brieselang, even buiten Berlijn. Een gat in de letterlijke zin van het woord. Nog geen 11.000 inwoners. Omringd door platteland, bos en grote meren (prachtig in deze tijd van het jaar vanwege de kraanvogels) is het normaalgesproken ‘Tote Hose’ in Brieselang.

Aan de rand van het dorp, gelijk aan de ring rond Berlijn, zit een bedrijventerrein, waar de bewoners tot voor kort ook al niet vrolijk van werden. De druiven waren vooral zuur in 2009 toen de grote warenhuisketen Karstadt/Quelle in de problemen kwam, en het regionale distributiecentrum in Brieselang leeg kwam te staan. Het was crisis in de toch al niet met banen bezaaide region.

Maar in 2011 bereikte het Jobwunder dan ook Brieselang. Zalando, de bekende handelaar in schoenen (en andere mode) streek neer in het dorp. Goed voor werkgelenheid aan bijna 1000 man. Het bijna nog grotere wonder volgde dit jaar toen Amazon aankondigde zich ook te willen vestigen.

Nu staan ze gebroederlijk naast elkaar: de distributiecentra van Amazon en Zalando. De overvolle parkeerplaats voor het gebouw geeft aan dat het meer dan goed gaat met het bedrijvenpark. Tientallen auto’s hebben zelfs hun toevlucht moeten nemen tot een kleine toegangsweggetje. Zonder risico is dat niet, want met de regelmaat van de klok schieten er enorme vrachtwagens over de niet meer dan vier meter brede weg.

DSC_0001

Amazon en Zalando denken dit jaar rond de Kerst ongeveer 4000 mensen aan het werk te hebben. Dat is het Jobwunder in een notendop.

Europa kijkt bewonderend toe

In Duitsland als geheel kwamen er de afgelopen vijf jaar anderhalf miljoen banen bij. Gigantische cijfers, waar de rest van Europa alleen maar van kan dromen.

En het mooiste is nog dat het herstel op de arbeidsmarkt steeds meer gespreid is over regio’s en sectoren. Het is al lang niet meer alleen de exportindustrie die voor de banengroei zorgt. In de zorg, bouw, automatisering en detailhandel groeit de werkgelegenheid net zo goed. Amazon en Zalando tonen van hun kant dat het wonder ook een zwakke regio als Berlijn/Brandenburg (werkloosheid boven de 10%) bereikt (al moet gezegd dat Zuid-Duitsland nog altijd een klasse voor zich is).

Voor Nederland liggen de lessen niet op de arbeidsmarkt

De Duitse successen roepen overal in Europa de vraag op wat we ervan kunnen leren. Makkelijk te beantwoorden is die vraag echter niet, zegt professor Ton Wilthagen, arbeidsmarktexpert aan de universiteit van Tilburg. Het probleem is dat elk land verschillend is. Frankrijk zou bijvoorbeeld veel kunnen leren van de zogenoemde ‘Agenda2010-hervormingen’.

Het verlagen van sociale uitkeringen, verkorte van de WW-duur en verhogen van de pensioensleeftijd heeft de Duitse industrie geholpen en zou het hetzelfde kunnen doen voor die in Frankrijk. Wilthagen betwijfelt echter of diezelfde arbeidsmarkthervormingen voor Nederland zouden werken. ‘Ze hebben weinig zin omdat de Nederlandse arbeidsmarkt op veel terreinen al flexibeler is dan de Duitse.

Daar komt nog bij dat je bij bepaalde maatregelen kunt afvragen of ze wel wenselijk zijn. ‘Zo heb je in Duitsland veel zogenoemde mini-jobs, slecht betaalde banen die door de overheid worden aangevuld om boven een minimaal benodigd niveau te komen. Feitelijk is het een verkapte subsidie voor het bedrijfsleven, waartegen bijvoorbeeld België een klacht heeft ingediend bij de Europese Commissie. En ik denk niet helemaal onterecht.’

Nederland zou volgens hem wel andere dingen kunnen leren. Bijvoorbeeld van de manier waarop Duitsland scholieren helpt hun weg te vinden naar het bedrijfsleven. En nog belangrijker de manier waarop de Duitse overheid samenwerkt met de maakindustrie. ‘Daar heeft Nederland het de voorbije jaren echt laten liggen. Bij ons lag de focus teveel bij banken en andere Zuidas-bedrijven, terwijl andere voor de economische structuur belangrijke bedrijfstakken werden verwaarloosd. Dat moeten we veranderen.’

In Duitsland wordt er getwijfeld aan het wonder

De goede samenwerking in Duitsland tussen overheid en bedrijfsleven is overigens geen vanzelfsprekendheid. Veel economen zijn bang dat die goede verhoudingen onder druk komen te staan als er een regering aan de macht komt bestaande uit de socialistische SPD en christendemocratische CDU/CSU (de coalitieonderhandelingen zijn in volle gang).

Holger Schmieding, chef-econoom bij de bank Berenberg, is een van hen. Schmieding baarde drie jaar geleden nog groot opzien met zijn voorspelling van een ‘gouden decennium voor de Duitse economie’. Maar als hij de plannen van SPD en CDU/CSU (Grote Coalitie) ziet, is hij niet meer zo zeker van zijn zaak.

Schmieding: ‘Een regering bestaande uit de twee grootste volkspartijen hoeft niet per definitie slecht te zijn. Dat heeft de laatste regering met deze kleur (2005-2009) uitgewezen. Het verschil is alleen dat de economie toen in een beroerde staat was, wat partijen dwong moedige besluiten te nemen. Nu is de situatie omgekeerd. Het gaat zo goed dat men denkt nieuwe hervormingen uit te kunnen stellen en oude hervormingen terug te draaien.’

De lijst van onderwerpen die bij de coalitieonderhandelingen een rol spelen, lezen voor Schmieding ‘als een programma ter verzwakking van Duitsland’. Invoering van een algemeen minimumloon, inperkingen van uitzendwerk, hogere belasting voor veelverdieners en uitzonderingen op het pensioen met 67 jaar: voor Schmieding zijn het allemaal voorstellen die de economische groei stevig onder druk zullen zetten. Al zal dat wel even duren. Daar komt nog bij dat van een aantal dringend noodzakelijke hervormingen nog maar moet worden afgewacht of ze komen. De herziening van het subsidiebeleid voor groene energie is de belangrijkste.

Op de korte termijn zal volgens Schmieding niemand er iets van merken als er beleidsfouten worden gemaakt. Structurele problemen hebben nou eenmaal de neiging zich op te bouwen over een lange termijn. ‘De rekening krijgen we pas over een jaar of vijf gepresenteerd.’

Voor de nabije toekomst betekent dat overigens dat het Jobwunder ongeschonden is. Schmieding verwacht voor het komende jaar gemiddeld 20.000 nieuwe banen per maand. Wat er daarna komt, hangt van de volgende regering af.

Dit artikel is in een kortere versie ook te vinden op de website van de Nederlands-Duitse Handelskamer (DNHK, http://www.dnhk.org/index.php?id=80599&L=14)

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s